Betrouwbare verdediging
Barcelona stond de afgelopen jaren bekend om aanvallend voetbal. Van Ronaldinho tot Messi, maar dit seizoen konden ze leunen op een sterke verdediging. Blaugrana kreeg maar 13 goals tegen in 34 wedstrijden, veruit het minste van de competitie. Andreas Christensen kwamen transfervrij over van Chelsea en paste perfect. Zijn kompaan centraal achterin Ronald Araujo wordt genoemd als een van de beste verdedigers ter wereld. Xavi koos voor de jonge Alejandro Balde boven de ervaren Jordi Alba en Jules Kounde speelde op een plek die voor hem ongebruikelijk was, op rechtsback om het gebrek aan snelheid op te vangen.
Het is geen toeval dat Barcelona werd uitgeschakeld in de Champions League ten tijde dat de inmiddels gestopte Gerard Pique en de op leeftijd zijnde Marcos Alonso het centrale duo vormden. Doelman Marc-Andre Ter Stegen hervond zijn zelfvertrouwen en vorm waardoor Barcelona slechts één tegendoelpunt uit open spel tegenkreeg dit seizoen, een eigen goal van Araujo tegen Real Madrid. De Catalanen noteerden 25 clean sheets tot nu toe dit seizoen en zijn op jacht naar het record van 26, gevestigd door Deportivo La Coruna in het seizoen 1993-1994. De Galiciërs delen het record voor minste tegendoelpunten in een seizoen met 38 wedstrijden, 18 – een getal dat Barcelona dit seizoen kan verbeteren.
Lewan-goal-ski
De van Bayern Munchen overgekomen Robert Lewandowski was dé grote aankoop afgelopen zomer. De Poolse superspits kende bij Barcelona een vliegende start. Hij is de topscorer van de LaLiga met 21 doelpunten, waarvan veel voor het WK gemaakt werden. De 34-jarige Lewandowski maakte tussen augustus en oktober in 11 wedstrijden 13 doelpunten en mede daar door stond Barcelona tijdens de onderbreking al bovenaan in de competitie. Afgelopen zondag in de kampioenswedstrijd tegen Espanyol was Lewandowski wederom goed voor twee doelpunten.
Consistentie
De kampioen van vorig seizoen, Real Madrid ziet zichzelf nog steeds als een van de beste teams ter wereld. Ze staan immers in de halve finale van de Champions League en wonnen eerder deze maand de Copa del Rey. Toch kon de ploeg van trainer Carlo Ancelotti Barcelona dit seizoen, dat bekend staat als de “competitie van de consistentie”, niet bijhouden.
Real verpletterde Barcelona met 4-0 in de terugwedstrijd van halve finale van de Spaanse beker, maar Barcelona heeft zich betrouwbaarder getoond en liep in punten snel weg bij de ploeg uit de hoofdstad. De blessures van Karim Benzema wierpen Real flink terug en met de ouder wordende Luka Modric en Toni Kroos, allebei sleutelspelers in het eerste elftal, is het steeds moeilijker elke week hetzelfde hoge niveau te halen. De uitschakeling in de Champions League en Europa League doen de ploeg van Xavi pijn, maar zorgden ervoor dat ze zich volledig op de competitie konden focussen.
Tactische flexibiliteit
Waar Barcelona doorgaans 4-3-3 speelt, koos Xavi in januari ervoor om Gavi als linkeraanvaller op te stellen. De jongeling kon naar binnen komen en de vierde man op het middenveld worden, iets dat hielp in het behouden van balbezit. Op die manier versloegen ze Real in de Spaanse Super Cup en boekten ze zeven overwinningen op rij in de competitie. Lewandowski kreeg daarom minder kansen om te scoren, vandaar zijn mindere productie in de tweede seizoenshelft, maar het gaf Barca meer controle over wedstrijden.
Grote wedstrijden
Onder de vorige twee coaches, Ronald Koeman en Quique Setien, won Barcelona geen enkele keer in de LaLiga van de twee ploegen uit de hoofdstad, Real en Atletico. Xavi bracht daar vanaf het begin verandering in. Barca won twee keer van Atletico en een keer van Real (een keer verlies).
