In Brazilië werd altijd over Reinier (21) gesproken als de nieuwe Kaka. Als international in alle leeftijdscategorieën van de Braziliaanse nationale ploeg was hij de grote ster en won hij met zijn land Olympisch goud in Tokio 2020. Bij Flamengo, tevens de geboorteplaats van Vinicius, was hij een opvallande speler. Hij was een lange, elegante, snelle, vaardige middenvelder, met een zeer goede pass... De typische Braziliaanse '10'. Hij had zoveel kwaliteiten dat veel grote clubs in Europa verschillende keren naar Brazilië reisden om te proberen hem te contracteren.
Opnieuw was Juni Calafat de rest voor en troefde onder meer Barcelona, Manchester City, PSG en Atlético de Madrid af. Reinier werd op 19 januari 2020 18 jaar en tekende kort daarna voor Real Madrid, dat 30 miljoen euro betaalde. In Madrid vierden ze zijn komst omdat hij niet leek te kunnen mislukken.
Drie jaar in het wit
Tot nu toe is het tegendeel het geval. Zijn twee verhuurperiodes bij Borussia Dortmund - dat ook in zijn kwaliteiten geloofde - waren niet erg productief, maar Reinier behield toch een goede reputatie. Toen hij terugkeerde naar Spanje was er geen gebrek aan interesse en zowel Real als hijzelf besloten dat Girona een goede bestemming was om weer op het juiste spoor te komen.
Hij zou een hoofdrolspeler worden - dat was de bedoeling - maar na de nodige blessures, schorsingen (een rode kaart tegen Espanyol kostte hem een aantal wedstrijden) en gebrek aan continuïteit kent hij weer een slecht seizoen. Hij heeft 420 minuten gespeeld, één doelpunt gemaakt en is sinds 18 september geen basispeler meer geweest. Girona heeft veel geblesseerden (Aleix Garcia, Borja Garcia, Toni Villa) op zijn positie en het is mogelijk dat hij nog wat kansen krijgt in het laatste deel van het seizoen. Maar alles wijst erop dat de grote Braziliaanse belofte nog een campagne zonder succes zal afsluiten. De uitdaging voor Madrid en de speler zelf is om het juweel dat schitterde bij Flamengo weer te laten glanzen, maar dat zal dan volgend seizoen moeten gebeuren.
